dinsdag 14 februari 2012

De liefde, toen, nu en... straks.

Het ging vroeger veel te makkelijk, een of andere knakker met een leuke kop en dito haar hoefde maar een praatje met me aan te knopen in kroeg, park of schoolkantine en voor ik het wist stond ik vol overgave te zoenen, hoppa, mijn hart stond alweer in vuur en vlam . Een aansteker was er niks bij maar in tegenstelling tot de Zippo, die zelfs met windkracht 10 blijft branden was bij mij de interesse ook weer gauw over, en zie er dan maar weer een beetje netjes vanaf te komen. Als een stukje dubbelzijdig plakband bleven sommige kandidaten aan me kleven, waardoor ik hardnekkig moest blijven schudden en rukken om er vanaf te komen.
Ontelbare keren heb ik staan zwijmelen en babbelen aan de rand van de dansvloer voor zover dat mogelijk was tussen de oorverdovende hiphop-beats door die toen als "onwijs gaaf" werden bestempeld, te vergelijken met het "doodziek, man" van nu. Ja, dat waren nog eens tijden, dat je elkaar "d'r uit danste" door te hiphoppen op die dansvloer, wat allemaal een serieuze zaak was, daar in de dorpsdisco, met weemoed kijk ik erop terug, maar een heel ander gevoel bekruipt me als ik me bedenk dat dit zich over een paar jaar zal gaan herhalen als onze dochters aan het uitgaansfront verschijnen. Nu leven ze nog in de heerlijke veronderstelling dat je gehuld in een paillettenjurkje met dito hakkenschoenen en tasje werkelijk naar de disco gaat om te dansen met je vriendinnen, net als Barbie. Wat een heerlijke onschuld, het grote mensen leven is nog één groot luchtkasteel, waar wel al volop plannen voor worden gemaakt. En de liefde... die is er ook al, sinds de kleuterklas is onze oudste dikke maatjes met een leuke jongen uit haar klas en ze hebben toen al besloten later te gaan trouwen, al fietst er zo nu en dan gezellig even een andere klasgenoten-verkering tussendoor. Ze heeft goede smaak, dat moet ik zeggen, deze jongen willen we graag in de familie en ik blijf even lekker bij haar zitten in haar luchtkasteel, mijn ogen sluitend voor het feit dat ze over twintig jaar misschien niet eens meer weet hoe hij heet. Dat ze ook al uitvoerig alle details van hun latere leven bespreken, zoals het wonen op een boerderij, en het werk dat ze dan allebei zullen doen, wat dan gek genoeg weer niets met die boerderij te maken heeft, was me bekend, dus toen ze me vlak voor de welterustenkus vertelde dat ze niet meer weet of ze wel kinderen wil met deze jongen had ik niet verbaasd hoeven zijn, eigenlijk. "Waarom niet?" kon ik natuurlijk niet nalaten te vragen, en het antwoord deed mijn vertrouwen in deze huwelijkskandidaat ernstig wankelen. "Nou, hij wil liever geen kinderen, maar hij zei dat ik er dan gewoon zelf voor moet zorgen, als ik het dan zo nodig wil."


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen